ARIPIPRAZOLLaatste bijwerking : 2018.7.14 |
|||||||||
Synoniem: | |||||||||
Toedieningsweg: | oraal, parenteraal | ||||||||
Klasse(n): | |||||||||
Preconceptie | 0-3 | 4-6 | 7-9 | Perinataal | Borstvoeding | |
---|---|---|---|---|---|---|
(ja) III | check II | check II | check II | check II | check III | |
geen info | geen info | geen info |
Er zijn beperkte humane gegevens beschikbaar. Voor het 3de trimester en de perinatale periode geldt een klasse effect.
Geen specifieke informatie beschikbaar.
Er zijn aangeboren afwijkingen gemeld; een causaal verband met aripiprazol kon echter niet worden vastgesteld [SKP Aripiprazol Sandoz 04 2017]. Er zijn gegevens over 100 vrouwen die aripiprazol namen tijdens het eerste trimester van hun zwangerschap. In 5 gevallen werden misvormingen vastgesteld. Het aantal zwangeren is te laag om hieruit conclusies te trekken wat veiligheid betreft [1].
Dierexperimenteel:Ontwikkelingstoxiciteit, inclusief dosisafhankelijke vertraagde foetale ossificatie en mogelijke teratogene effecten, werd waargenomen bij ratten bij doses resulterend in subtherapeutische blootstelling (gebaseerd op de AUC) en in konijnen bij doses resulterend in blootstelling van 3 en 11 keer de gemiddelde AUC bij ´steady-state´ bij de maximale aanbevolen klinische dosis. Maternale toxiciteit trad op bij doses die overeenkwamen met doses die ontwikkelingstoxiciteit veroorzaakten [SKP Aripiprazol Sandoz 04 2017].
Tweede trimester:Zie eerste trimester.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Bij pasgeboren zuigelingen die tijdens het derde trimester van de zwangerschap blootgesteld zijn geweest aan antipsychotica (waaronder aripiprazol), is na de bevalling sprake van een risico van bijwerkingen waaronder extrapiramidale symptomen en/of onttrekkingsverschijnselen die kunnen variëren in ernst en duur. Er zijn meldingen van agitatie, hypertonie, hypotonie, tremor, slaperigheid, ademnood of voedingsstoornis [SKP Aripiprazol Sandoz 04 2017]. Perinatale aritmie bij de pasgeborene houdt mogelijk verband met het toedienen van aripiprazol tijdens het laatste trimester (cf. gevalstudie) [1].
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Perinataal (steeds rekening houden met de gegevens bij de actuele trimester) :Zie derde trimester.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Opvolging :Geen specifieke informatie beschikbaar.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
L3
Aripiprazol wordt uitgescheiden in de moedermelk [SKP Aripiprazol Sandoz 04 2017], maar in heel zwakke concentraties (M/P 0.2) [Briggs, Hale]. Mogelijks kan slaperigheid bij de zuigeling optreden [Hale].
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Preconceptie | Zwangerschap | Borstvoeding | ||||
---|---|---|---|---|---|---|
(ja) III | (ja) III | |||||
geen info | geen info | ← Condoom gebruiken / Onthouding |
Geen specifieke gegevens beschikbaar
Geen specifieke informatie beschikbaar.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
Geen specifieke informatie beschikbaar over de overgang via het sperma.
Dierexperimenteel:Geen specifieke informatie beschikbaar.
KLASSETEKST Antipsychotica
Preconceptie
Het is mogelijk dat vrouwen met schizofrenie en affectieve stoornissen meer kans lopen op complicaties tijdens zwangerschap, waaronder verminderde vruchtbaarheid. Ook typische antipsychotica zouden de fertiliteit verlagen. Dat zou niet het geval zijn met atypische antipsychotica. Het effect wordt onder ander in verband gebracht met beïnvloeding van prolactineproductie [1].
Behandeling
Hierbij enkele principes gebaseerd op de NICE richtlijnen (2014) [3] :
* Antipsychotische medicatie gestart vóór de zwangerschap moet verdergezet worden tijdens de zwangerschap indien er een risico bestaat op herval zonder medicatie.
* Het meten van prolactine is nuttig bij medicatie die prolactine kan verhogen (typische antipsychotica). Bij voorkeur worden atypische antipsychotica gebruikt.
* Indien mogelijk kan psychotherapie in overweging genomen worden in plaats van medicatie of als ondersteunende maatregel bij medicatie.
* Medicatie is nodig bij het ontwikkelen van manie/psychose.
* Antipsychotica zijn aangewezen bij bipolaire stoornissen wanneer tijdens zwangerschap Lithium wordt gestopt of wanneer borstvoeding wordt gepland.
* Borstvoeding: observatie van de zuigeling is nodig om ongewenste effecten te detecteren en de therapie desgewenst aan te passen.
Diabetes
Er bestaat een verhoogde kans op zwangerschapsdiabetes bij het voortzetten van antipsychotica tijdens zwangerschap. Er zijn vergelijkende gegevens qua incidentie voor atypische antipsychotica, tussen zwangeren bij wie de therapie werd verdergezet en deze waarbij de therapie werd gestopt [2] :
-Aripiprazol: 4,8% (verderzetten) versus 4,5% (stoppen). OR=0,82 (95% BI 0,50-1,33)
-Quetiapine: 7,1% (verderzetten) versus 4,1% (stoppen). OR=1,28 (95% BI 1,01-1,62)
-Risperidon: 6,4% (verderzetten) versus 4,1% (stoppen). OR=1,09 (95% BI 0,70-1,70)
-Olanzapine: 12,0% (verderzetten) versus 4,7% (stoppen). OR=1,61 (95% BI 1,13-2,29). Bij olanzapine treedt een dosis-effect relatie op.
Bronnen
[1] Mc Cauley-Elsom et al. Antipsychotics in pregnancy. Journal of Psychiatric and Mental Health Nursing, 2010, 17, 97–104.
[2] Park Y. et al. Continuation of Atypical Antipsychotic Medication During Early Pregnancy and the Risk of Gestational Diabetes. AmJ Psychiatry 2018; 175:564–574.
[3] Poo SXW, Agius M. Atypical antipsychotics for schizophrenia and/or bipolar disorder in pregnancy: current recommendations and updates in the nice guidelines. Psychiatria Danubina, 2015; Vol. 27, Suppl. 1, pp
Geen specifieke informatie beschikbaar.